Hans Schnitzler: "Wij nihilisten"

(Bijeenkomst 18 september 2023)

Hans Schnitzler is in dit boek als Otto den Beste, de leraar Duits uit het TV programma van Koot&Bie, die fulmineert tegen de tijdgeest. Hij doet dat welbespraakt, zoals Nietzsche zelf, maar zijn venijnige sneren naar nerds, wiskundigen en technologen bevallen me niet. Zijn pejoratieve gebruik van het woord 'nerd', zoals in het steeds weer voorkomende 'Nerdistan', suggereert dat hij dáár de vijand ontwaart. Weliswaar geeft hij toe dat wat nerds willen ook door normale mensen gewild wordt, maar hij wijst de nerd wel als zondebok aan. Daar hebben we hem weer: de zondebok wordt overladen met pek en veren en wij kunnen weer rustig achterover leunen.
Hij noemt zijn boek "wij nihilisten", maar het gaat dus niet over ons, maar over een zondebok genaamd "nerd". Of is zijn boodschap dat wij nihilisten zijn omdat we als makke schapen die nerds volgen? Maar dan zijn we toch juist géén nihilisten? Dan hebben we toch nog steeds houvast, weliswaar volgens Hans Schnitzler het verkeerde houvast, maar toch?

Het nihilisme is niet iets nieuws dat samenhangt met de technologische, of meer specifiek: de digitale ontwikkeling. In de geschiedenis heeft het nihilisme steeds weer de kop opgestoken door de waarheid ter discussie te stellen, waarna dat nihilisme weer werd ontkracht met een nieuwe waarheid. Ik vond dat heel treffend in het boek "Beginnen met Filosofie" van Luc Ferry. Hij pelt daarin de historie af van het zoeken naar waarheid, tot hij bij Nietzsche komt met diens opvatting dat men elk geloof, elke wens naar zekerheid vaarwel moet zeggen. Maar daarna komt Ferry in zijn laatste hoofdstuk tóch weer met een nieuwe zekerheid. Zo ook Hans Schnitzler: in zijn slothoofdstuk geeft hij als oplossing dat men moet streven naar positieve vrijheid en dat de romankunst gestimuleerd moet worden. Ik ben het daar helemaal mee eens, maar staat de technologische ontwikkeling dat in de weg?

Misschien is zijn kruistocht tegen de nerd een strijd tegen een menselijke geestesgesteldheid waarmee de nerd wordt geïdentificeerd. Naar mijn mening besteedt Hans Schnitzler echter veel te weinig aandacht aan de natuurlijke menselijke strevingen en emoties. Waarom veroordeelt hij impliciet het conformisme, maar heeft hij het niet over het feit dat de mens een sociaal dier is, waarvoor het "bij de groep horen" een belangrijk kenmerk is? Waarom heeft hij het niet over Spinoza’s conatus, de levensdrift? Ook Nietzsche's wil tot macht zou in het verband met bovengenoemde zondebok best wat meer aandacht mogen krijgen. Volgens Nietzsche is de wil tot macht immers de ultieme uitdrukking van de drang van het leven om beperkingen te overwinnen en grotere vrijheid en zelfrealisatie te bereiken. Het is een actieve, creatieve kracht die er voortdurend naar streeft obstakels te overwinnen en nieuwe prestatieniveaus te bereiken. Is dat niet precies het streven van die vermaledijde nerds?

HS noemt de coronapandemie en de toeslagenaffaire als voorbeelden van waar het mis ging. Het ging inderdaad mis, maar dat had niet in de eerste plaats met het werk van nerds te maken. De kiem van de toeslagenaffaire werd gelegd door de Tweede Kamer toen deze, aangevuurd door de media n.a.v. de Bulgarenfraude, keihard optreden eiste tegen fraude met uitkeringen. Er kwam een snoeiharde wet tot stand, zonder hardheidsclausule. Toen vervolgens fraude werd ontdekt bij bemiddelingsbureaus werden bij die bureaus aangesloten ouders vanwege minuscule onvolkomenheden in hun administratie gepakt omdat de wet geen pardon toestond. Er wordt vaak gewezen op etnische profilering, en dat kan inderdaad efficiënt met data, maar het echte schandaal is de harde toepassing van de wet. Etnische profilering is intussen bij allerlei instanties stopgezet, en ik beschouw dat als een een zelfreinigend vermogen van de maatschappij. En het moet gezegd: de media spelen daarbij een belangrijke rol.
De coronapandemie is volgens mij vooral ontspoord door het verwoestende wantrouwen tegen de overheid en de wetenschap dat in de media werd gecreëerd. De eerste lock-down werd algemeen door de bevolking geaccepteerd omdat men zag wat er in landen als Italië gebeurde. Sterker nog: de sluiting van scholen, die eerst niet in de maatregelen zat, werd na protesten door het onderwijzend personeel toch ingevoerd. Pas nadat de eerste lock-down op het nippertje succesvol bleek begonnen tegengeluiden de kop op te steken, om in de praatprogramma's gretig verspreid te worden. Er werd een app ontwikkeld, inderdaad, maar wat ging er uiteindelijk mis door deze app? Alleen de app zelf ging mis, omdat hij niet op voldoende schaal gebruikt werd. Maar de QR code dan? Het probleem was niet dat het een moeilijk te vervalsen en makkelijk te maken inentingsbewijs was, maar dat het gebruik van een inentingsbewijs werd beschouwd als een onaanvaardbare inbreuk op de vrijheid.

Als erin onze tijd nihilisme is dan moet die volgens mij gezocht worden bij de massamens, zoals die al bijna een eeuw geleden werd ontmaskerd in het boek "De opstand van de massamens" van de Spaanse filosoof José Ortega y Gasset. De massamens gelooft niet in de waarheid, hij gelooft slechts in zijn éigen waarheid. Daarbij wordt hij in de huidige tijd, dat moet ik HS wel toegeven, enorm geholpen door het zgn. dataïsme. Daarbij liggen grote gevaren op de loer, dat moet ik ook toegeven, maar die zijn, behalve schaal en snelheid, niet wezenlijk anders dan vóór de digitale revolutie. Was het Derde Rijk geen meester in manipulatie? Was de DDR geen op-en-top surveillancestaat? En was er ooit volledige privacy, en wat dat betreft: wíllen sociale dieren wel volledige privacy, d.w.z. afgesloten zijn van de groep?
Ik ben niet blind voor essentiële gevaren van de technologische ontwikkeling, maar ik vind dat de kritiek vooral moet gaan over toekomstige existentiële gevaren. Het grootste gevaar, door velen echter nog als fictief beschouwd, is dat de machine de baas wordt over de mens. Een mooie film die dit verbeeldt is Ex Machina. Hierin wordt een androïde, die ontwikkeld is door een techlord, getest in een afgelegen onderkomen door een van zijn programmeurs. De androïde weet de techlord en zijn medewerker te slim af te zijn en ontsnapt naar de vrije wereld.
Yuval Harari spreekt over het gevaar dat de mens zichzelf overbodig wordt, dat hij geen enkele betekenis meer heeft. Dat knarst met zijn bestaan als sociaal dier, waarvoor betrokkenheid op elkaar en betekenis voor elkaar wezenlijk zijn. Als hij overbodig wordt wat heeft het leven dan nog voor zin?

_________________________________